Duidelijkheid over RVU-aanspraak van collega’s met geboortejaar 1964

Group of smiling police officers in reflective vests posing together outdoors, holding a blue sign with Dutch text and a 'Politie in Actie' logo.

Vanaf vandaag krijgen collega’s uit 1964 van de werkgever te horen of ze volgens zijn gegevens in aanmerking komen voor de nieuwe Regeling vervroegd uittreden (RVU) voor de politiesector. Onder invloed van het landelijke RVU-akkoord uit 2024 zijn daarbij scherpere voorwaarden van kracht dan bij de regeling voor collega’s met geboortejaar 1963. Tijdens de onderhandelingen hierover hebben de bonden dan ook aangedrongen op een hardheidsclausule. Ook hebben we met succes gepleit voor het vaker laten meetellen van zware jaren bij een andere werkgever.

De financiële ruimte die werkgevers en werknemers hebben om RVU-afspraken te maken is door de overheid wettelijk afgebakend en aan voorwaarden verbonden. De laatste keer dat daarover een landelijk akkoord werd gesloten tussen de overheid, de werkgevers en de vakbeweging was in 2024. Het uitgangspunt van dat akkoord is dat de RVU alleen fiscaal vriendelijk kan worden afgesproken voor zwaar werk en dat dit een gerichte duiding van zware functies vereist binnen de sector.

Tijdens de onderhandelingen over de politie-cao 2025-2027 moesten de werkgever en de bonden het ook eens zien te worden over een nieuwe RVU Politie. Om wettelijk acceptabel te zijn moesten de afspraken daarover binnen de kaders van het nieuwe landelijke RVU-akkoord blijven. Dat leidde tot de keuze om zwaar werk bij de politie vanaf geboortejaar 1963 uitsluitend te definiëren als werk in het LFNP-domein Uitvoering. Een aanscherping ten opzichte van de RVU die geldt tot en met geboortejaar 1962. Daarin tellen ook nog jaren mee in andere domeinen als er sprake is van een executieve status.

Voorwaarden geboortejaar 1964
Politiemedewerkers uit 1964 hebben aanspraak op RVU-uitkeringen van de werkgever als ze op hun ontslagdatum (gebruikmaken van een RVU betekent officieel ontslag nemen) minstens 35 politiedienstjaren op hun naam hebben staan, waarvan 28 zware jaren.

Welke dienstjaren gelden daarbij als zware jaren?

  • Gewerkte jaren in een functie binnen het LFNP-domein Uitvoering of een of meer erkende voorlopers van deze functies;
  • Gewerkte jaren in andere zware beroepen met een RVU (de Bouw, Defensie waaronder de Marechaussee) en in zware functies die als zodanig zijn aangewezen voor een RVU in de cao’s van de RET, Gemeenten, Rijk en NS. Voorwaarde is dat na de zij-instroom minstens 25 jaar bij de politie is gewerkt.
Group of protesters holding a large blue banner with white letters, smiling at the camera; Dutch slogan on sign reads 'Laat ons niet zo lang op onze laatste benen lopen' (We won’t walk for long on our last legs).

Maximaal acht jaar geen zwaar werk
De vereiste 28 zware jaren moeten binnen de periode van 35 jaar voorafgaand aan het RVU-ontslag liggen. Met andere woorden: het mag hooguit zeven jaar geleden zijn dat collega’s met het geboortejaar 1964 voor het laatst een functie binnen het LFNP-domein Uitvoering hebben vervuld. Doen ze al langer dan zeven jaar ander werk, dan komen ze niet in aanmerking voor de RVU.

Ook wanneer je korter dan zeven jaar geleden nog in de uitvoering zat maar in de 35 jaar voorafgaande aan de RVU een aantal jaren gewerkt hebt in de ondersteuning of als leidinggevende kan dit een spelbreker zijn voor de RVU. In de 35 jaar voorafgaande aan de RVU mag je niet langer dan zeven jaar buiten de uitvoering hebben gewerkt.

De norm van maximaal zeven jaar ander werk geldt vanaf de maximale termijn dat je een RVU-uitkering kunt krijgen, dus vanaf drie jaar voorafgaand aan je AOW-gerechtigde leeftijd. Voldoe je op dat moment aan de norm, maar blijf je daarna nog een jaartje doorwerken in je functie binnen het domein Leiding of Ondersteuning, dan heb je uiteindelijk toch meer dan zeven jaar ander werk gedaan voordat je een RVU-uitkering aanvraagt.

Het is niet de bedoeling dat collega’s daardoor hun RVU-aanspraak verliezen. Daarom hebben de bonden met de werkgever afgesproken dat deze doorwerkers hun RVU-aanvraag alvast kunnen indienen zolang ze zich nog aan de goede kant van de maximaal zeven jaar ander werk bevinden. Het is dan hun keuze om de RVU later te laten ingaan. Kan deze situatie zich in jouw geval voordoen, dan word je daarvoor gewaarschuwd in de mail waarin de werkgever meldt of je volgens het korps RVU-aanspraken hebt.

Een andere variant is uiteraard dat je drie jaar voor je AOW-gerechtigde leeftijd nog niet aan de RVU-voorwaarden voldoet, maar dat dat in de periode daarna alsnog kan gebeuren. Ook die mogelijkheid meldt de werkgever dan in zijn mail, inclusief vanaf welke datum je dan een RVU-aanspraak hebt.

Group of people in high-visibility vests walking together down a city street during a march or event.

Zware jaren elders
In de RVU voor geboortejaar 1964 kunnen ook zware jaren in een functie doorgebracht bij een eerdere werkgever meetellen voor de 35 politiedienstjaren en de 28 zware jaren benodigd voor de RVU. Voorwaarde is wel dat deze functie een RVU kent en je minimaal 25 jaar bij de politie hebt gewerkt. Denk dan bijvoorbeeld aan jaren gewerkt bij Defensie en in de Bouw of in zware functies die als zodanig zijn aangewezen voor een RVU in de cao’s van de RET, Gemeenten, Rijk en NS. Ook tellen jaren waarin je was aangesteld als algemeen of buitengewoon opsporingsambtenaar bij de spoorwegpolitie mee als zware jaren.

Ook blijft voor de generatie 1964 gelden dat onder de 35 dienstjaren ook gewerkte jaren als algemeen of buitengewoon opsporingsambtenaar bij de FIOD en Douane meetellen.

Uitkeringsjaren
Collega’s uit 1964 bereiken hun AOW-gerechtigde leeftijd (67 jaar en drie maanden) tussen 1 april 2031 en 1 april 2032 als de AOW-leeftijd tenminste 67 jaar en 3 maanden blijft. Dat wordt uiterlijk 5 jaar van tevoren bekend. Voldoen ze qua dienstjaren aan de voorwaarden, dan hebben ze vanaf 64 jaar en drie maanden aanspraak op een RVU-uitkering van de werkgever. In de politie-RVU is namelijk de wettelijk bepaalde maximale RVU-termijn overgenomen en die is drie jaar voorafgaand aan de AOW-gerechtigde leeftijd. Voor collega’s uit januari 1964 is de eerste maand waarin ze van het korps een RVU-uitkering kunnen ontvangen dus april 2028.

Uitkeringsbedragen
Voor RVU-rechthebbenden uit 1964 is een totaalbedrag beschikbaar van 24 x de fiscaal toegestane uitkering (€ 2.357 in 2026). Dat bedrag kun je desgewenst in maximaal 36 maandelijkse porties laten uitbetalen als je besluit de maximaal mogelijke drie jaar eerder met werken te stoppen. Maak je twee jaar voor je AOW-gerechtigde leeftijd gebruik van de RVU, dan krijg je 24 x de uitkering van (in 2026) € 2.357. Ga je later met RVU, dan neemt je uitkering niet toe. Ook dan krijg je maandelijks hooguit de uitkering van (in 2026) € 2.357.

Cartoon protest poster showing scared officials and workers surrounding an open coffin, with bold Dutch headlines about early retirement and a call to action against politicians and employers.

Niet mee eens?
Staat er op je medewerkerskaart NEE achter Politiedienstjaren voor RVU en ben je van mening dat je op dat punt wel voldoet aan de voorwaarden? In dat geval kun je aanvullende informatie aanleveren via de Youforce- tegel RVU-registratie wijzigen.

Ben je het niet eens met de Nee op de medewerkerskaart voor RVU omdat je wel onder de oude RVU-voorwaarden viel maar niet onder de nieuwe en er volgens jou een schrijnende situatie dreigt te ontstaan als je niet vervroegd kan stoppen met werken? Dan kun je overwegen een beroep te doen op de hardheidsclausule.

Hardheidsclausule
In de politie-cao 2025-2027 is een hardheidsclausule afgesproken voor collega’s die wel aan de oude voorwaarden zouden hebben voldaan maar door de nieuwe voorwaarden de boot missen. Zij kunnen de korpschef vragen om af te wijken van het aangescherpte aantal zware jaren of dienstjaren omdat anders in hun geval een schrijnende situatie ontstaat. Dat kan zijn doordat iemand onmogelijk nog gezond zijn pensioen kan halen binnen het korps vanwege de tol die het politiewerk al heeft geëist en vanwege individuele privé-omstandigheden.

Voor een beroep op deze hardheidsclausule is een speciaal proces ingericht. De eerste stap is een gesprek daarover aanvragen met de politiechef van je eenheid. In dat gesprek krijg je de mogelijkheid om toe te lichten welke persoonlijke omstandigheden het redelijk en rechtvaardig maken dat jij wel een RVU-aanspraak krijgt.

Crowd of protesters wearing high-visibility vests standing on a city street, with police officers and a bicycle in the foreground and buildings in the background.

De politiechef legt zijn oordeel (wel of geen toepassing hardheidsclausule + motivatie) voor aan de commissie hardheidsclausule RVU. Die bestaat uit een vertegenwoordiger vanuit de werkgever en een vertegenwoordiger vanuit de bonden met een onafhankelijk voorzitter. De commissie toetst of toepassing van de hardheidsclausule aan de orde is, gelet op de omstandigheden en de bedoeling van de RVU Politie. Daarna adviseert zij de korpschef over het besluit dat hij moet nemen.

Voor een beroep op de hardheidsclausule is een speciaal formulier beschikbaar. Dat moet worden ingediend bij hardheidsclausule-rvu.arbeidszaken.hrm@politie.nl.